Goed doel wordt een must
door RobinGood op 20 februari 2009
Vrijwilligerswerk ondanks crisis steeds vaker onderdeel van het loopbaanbeleid
Iets voor het goede doel doen terwijl je aan je loopbaan werkt, is voor Daan van Vroonhoven een logische combinatie.
Van Vroonhoven (34) is er op Schiphol verantwoordelijk voor dat de luchthaven binnen de geluidsnormen blijft. Tegelijkertijd maakt hij met een groepje van vijf een toekomstplan voor de ideële omroep Llink. Dat doet hij in het kader van het Potential Management Program van zijn werkgever Schiphol Group. ‘Llink staat voor het moment van de waarheid. Om B-omroep te kunnen worden hebben ze per 1 april 150.000 leden nodig’, vertelt hij. ‘Ons advies is nog niet helemaal klaar, maar wij vinden dat de omroep meer focus moet krijgen in waar ze voor staat en welke doelgroep ze wil bereiken.’
Iedereen die meedoet aan het programma voelt zich betrokken bij het goede doel, zegt Van Vroonhoven. ‘Of dat nu komt doordat we een bepaald type mensen zijn - we kiezen ervoor om bij een bedrijf te werken dat op het snijvlak van politiek, economie en maatschappij opereert - of omdat we allemaal in een fase van ons leven zitten waarin we dingen willen doen die maatschappelijk nut hebben, weet ik niet. Wat ik ervan geleerd heb? Dat je geen monnik hoeft te zijn om de wereld te verbeteren maar dat je in je dagelijks leven er al heel snel aan kunt bijdragen. Bij Llink noemen ze dat praktisch idealisme.’
Voor de Schiphol Group telt dat de deelnemers bij een project als dat bij Llink competenties ontwikkelen. ‘En het heeft als voordeel dat de deelnemers hun blik even buiten de luchthaven richten’, zegt Brigitte Dewasme, bij Schiphol verantwoordelijk voor management development. ‘Dit is het meest actieve onderdeel, maar ook in de andere management-developmentprogramma’s zit een component van maatschappelijk verantwoord ondernemen. We nodigen bijvoorbeeld sprekers uit over het klimaatplan dat door Schiphol is opgesteld.’
Het goede doel rukt op in het bedrijfsleven. Steeds vaker duikt het op in wervingsadvertenties als secundaire arbeidsvoorwaarde. Vooral jongeren verwachten het van hun werkgever, vertelt Irene Krielen van WorkMate, een bedrijf dat in de regio Rotterdam werknemers koppelt aan vrijwilligerswerk. ‘Je merkt dat de nieuwe generatie werknemers, die opgegroeid zijn in een tijd waarin álles beschikbaar was, op zoek gaat naar zingeving. Alles is bereikt, die leuke baan, dat huis, die lease-auto, nu willen ze iets nuttigs doen.’
Omgekeerd denken bedrijven er ook voordeel van te hebben als hun werknemers iets maatschappelijk nuttigs doen, al dan niet in de tijd van de baas. Krielen: ‘Ik werk zelf ook als “workmate” en weet: je krijgt er heel veel energie van. Laatst heb ik nog bij de Voedselbank staan inpakken. Je komt met allerlei mensen in aanraking die je normaal nooit tegenkomt. Het is een fantastische manier om het koppie weer even leeg te maken.’
Maatschappelijk verantwoord ondernemen heeft alles te maken met reputatie, zegt Lucas Meijs, bijzonder hoogleraar vrijwilligerswerk, civil society en ondernemingen aan de Rotterdam School of Management. ‘Je wilt werken bij een bedrijf dat goed bekendstaat, zo simpel is het. Het is een van de goedkoopste secundaire arbeidsvoorwaarden die je kunt aanbieden. Die een of twee dagen per jaar worden gemakkelijk ingehaald.’
Er zijn twee parallelle trends. In veel cao’s wordt opgenomen dat medewerkers het recht hebben om vrijwilligerswerk te doen bij een zelfgekozen doel. Een bedrijf als WorkMate helpt daar invulling aan te geven door activiteiten van een dag of een dagdeel aan te bieden, zoals het meehelpen in een jeugdsoos in een achterstandswijk of het assisteren bij paardrijles voor jongeren met een beperking. Daarnaast ontstaat een ander soort vrijwilligerswerk, op ‘niveau’. Young professionals willen zich best inzetten, maar dan het liefst op hun eigen vakgebied. Daarvoor is Laluz opgericht. Het koppelt individuele hoogopgeleiden of bedrijven (zoals Schiphol) aan maatschappelijke instellingen met een vraag naar expertise.
Marije Mulder, directeur van Laluz, vindt het een ideale combinatie. ‘Ik heb altijd met veel plezier vrijwilligerswerk gedaan, bijvoorbeeld met zieke kinderen, maar op een goed moment wilde ik meer resultaat zien. Als je je eigen kennis inzet voor het goede doel heb je meer mogelijkheden om creatief te zijn en je persoonlijk te ontwikkelen.’
Als voorbeeld noemt ze een bedrijfsplan dat ze schreef voor Paint a Future, een organisatie die dromen uit laat komen van kinderen in ontwikkelingslanden. ‘Mijn plan werd teruggefloten, het was veel te commercieel. Ik leerde daarvan dat ik veel te ongeduldig was en beter door moest vragen’, vertelt ze. ‘Als Laluz worden we steeds vaker benaderd door personeelsafdelingen van bedrijven die graag zien dat dit soort projecten een rol gaan spelen in de opleiding en ontwikkeling van medewerkers.’
Bij Fortis Bank Nederland en bij financieel dienstverlener PricewaterhouseCoopers is het ‘goede doel’ voor een steeds groter deel van het personeel vast onderdeel van hun werkzaamheden. ‘Al onze medewerkers mogen projecten doen die in het verlengde van hun kennis en kunde liggen, belastingadvies aan een stichting bijvoorbeeld. Het wordt gewoon ingepland in je werkweek’, vertelt Maaike Doyer van PricewaterhouseCoopers. ‘Medewerkers mogen ook zelf een voorstel indienen. Als het past binnen onze doelstellingen, gaan we akkoord.’
Het afgelopen jaar deden vijfhonderd medewerkers zo’n project, 11% van het personeelsbestand. Drie jaar daarvoor was dat nog 3%. De projecten tellen mee in de beoordeling aan het eind van het jaar. Doyer: ‘Ja, we zien dit als ieder ander project, want we willen wel onze kwaliteit waarborgen. Het aardige is dat je ook via zo’n project ervaring kunt opdoen in een andere expertise, samen met iemand van een andere businessunit. Dat versterkt weer het interne netwerk.’
Ook bij Fortis groeide het aantal deelnemers aan projecten van de Fortis Foundation naar 4000 van de in totaal 10000 werknemers. Doelstelling is een participatiegraad van 45% in 2011. Fred Bos, lid van de raad van bestuur van Fortis Bank Nederland: ‘Het vormt de medewerkers, het helpt ze te groeien en beter om te gaan met verschillende soorten mensen. Wij vinden het louter uit zijn op geldelijk gewin te beperkt. Als bank ben je onderdeel van de samenleving.’
Fortis geeft de werknemers de gelegenheid vrijwilligerswerk te doen onder werktijd, maar het telt niet mee in de beoordeling. ‘Daar hebben we een uitvoerige discussie over en die is nog niet afgerond’, zegt Bos. ‘Het is lastig, want je wilt het niet verplichten, maar aan de andere kant gaat het bij de beoordeling niet alleen om kwantitatieve doelstellingen. Ik denk dat betrokken zijn bij de maatschappij in de toekomst een onlosmakelijk onderdeel van de bedrijfsvoering wordt. Maar of het ook een plaats in de beoordeling krijgt? Het is net als integer zijn. Dat ga je toch ook niet extra belonen?’
Mvo wordt een ‘must have’ voor het binnenhalen van talent, denkt Bos. ‘Afgelopen jaar was moeilijk, mensen hebben keihard gewerkt. En toch is de participatiegraad bij de projecten gegroeid. Crisis of niet, je kunt altijd jezelf nog inzetten.’
